Oven
De oven is van het principe "Static Hearth"oven met naverbranding in separate kamers. De twee kamers zijn; de voorverbrandingsoven (VVO) en de naverbrandingsoven (NVO). In de VVO vindt de vergassing en parallel hieraan een (gedeeltelijke) verbranding plaats. Het afval wordt in de VVO via de deur ingevoerd. Het reeds aanwezige afval wordt door deze nieuwe belading naar voren geschoven en zo in stappen naar het einde van de beladingshaard geschoven. Van de beladingshaard komt het afval met behulp van interne rammen op de 2de haard en hierna op de 3de haard. Op de 2de en 3de haard bevinden zich luchtinlaten voor primaire verbrandingslucht. Door het regelen van de hoeveelheid lucht op de twee haarden, wordt het evenwicht tussen vergassing en verbranding van het afval in stand gehouden.
P.S. vergassing vraagt energie, verbranding levert energie. Met een instelbare interval wordt het afval/slakken op de 3de haard verschoven naar de rand en uiteraard over de rand in de ash-discharger Eerst daarna wordt het afval op de 2de haard verschoven naar de rand en over de rand naar de 3de haard. Hiermee wordt het gat op de 3de haard wederom gevuld met afval.
In de 3de haard zijn 3 luchtbalken aangebracht voor de verbrandingslucht.
Vanuit de ash-discharger worden de slakken in een waterput c.q. waterslot geduwd. Hiermee wordt voorkomen dat er ongecontroleerd lucht dus zuurstof in de oven kan komen. Met behulp van een slakkenhark wordt de slak uit de slakkenput "geharkt" en op een transportband gebracht en naar buiten toe in een verzamelcontainer getransporteerd.
De verwerkingsgassen uit de VVO worden via de flameport naar de NVO geleid. In de flameport en in de NVO wordt een overmaat aan lucht toegevoegd zodat alle gassen geheel verbrandt worden eer deze gassen als rookgassen de NVO verlaten. De uittrede temperatuur van de NVO wordt geregeld door middel van de hoeveelheid naverbrandingslucht die in de NVO wordt toegelaten.